Thuisbatterij en het einde van salderen
Met zonnepanelen levert u een deel van uw stroom terug aan het net. Tot nu toe mag u die stroom wegstrepen tegen de stroom die u op andere momenten van het net haalt, kWh tegen kWh. Vanaf 2027 is dat voorbij, en dan telt vooral hoeveel u zelf verbruikt.
Wat stopt er op 1 januari 2027
Salderen betekent dat u de stroom die u teruglevert wegstreept tegen de stroom die u op andere momenten van het net haalt. Op uw jaarafrekening betaalt u alleen het verschil. Volgens de Rijksoverheid stopt de salderingsregeling vanaf 1 januari 2027. Tot en met 31 december 2026 geldt de regeling dus nog.
Daarna betaalt u voor elke kWh die u van het net haalt het volledige tarief, ook als u op een ander moment van de dag evenveel hebt teruggeleverd.
Wat komt ervoor in de plaats
Volgens de Rijksoverheid krijgt iedereen met zonnepanelen voor alle teruggeleverde stroom een vergoeding van de energieleverancier. Tot 2030 moet die vergoeding minstens 50% van het kale leveringstarief zijn. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) houdt daar volgens de Rijksoverheid toezicht op.
Veel leveranciers rekenen ook terugleverkosten. Dat mag, maar volgens de Rijksoverheid alleen voor kosten die de leverancier zelf maakt om de teruggeleverde stroom te verwerken. Hoe hoog die kosten zijn en hoe de vergoeding wordt berekend, staat in uw contract. Vergelijk dat vóór 2027 met wat andere leveranciers bieden.
Wat niet verandert: over stroom die u zelf opwekt en meteen gebruikt, betaalt u geen belastingen. Dat staat ook op de pagina van de Rijksoverheid. Elke kWh die u zelf verbruikt, hoeft u dus niet in te kopen tegen het volle tarief van zo’n € 0,2558 per kWh (Eurostat, cijfer over de tweede helft van 2025, inclusief belastingen).
Hoeveel stroom gebruikt u nu zelf
Kenniscentrum Duurzaam Leven (voorheen Milieu Centraal) noemt een gemiddelde: ongeveer 30 procent van de zonnestroom gebruikt een huishouden zelf. De rest gaat naar het net, omdat de panelen overdag het meest opwekken en het verbruik vooral ‘s avonds hoog is.
Een gemiddeld Nederlands huishouden verbruikte in 2024 ongeveer 2.510 kWh stroom (Eurostat). Uw eigen verbruik staat op uw jaarafrekening, en met een P1-meter in de meterkast ziet u per uur wanneer u stroom gebruikt.
Wat een batterij verandert
Een batterij slaat overdag zonnestroom op die u anders zou terugleveren. ’s Avonds gebruikt u eerst de stroom uit de batterij en pas daarna stroom van het net. Zo stijgt het deel dat u zelf verbruikt.
Volgens het kenniscentrum slaat een gemiddelde thuisbatterij ongeveer 6 kWh op. Op een zomerdag wekken 10 panelen ongeveer 15 kWh op, op een decemberdag ongeveer 2,5 kWh. In de zomer is de batterij dus snel vol, in de winter raakt hij nauwelijks gevuld. U blijft een aansluiting op het net nodig hebben.
Een thuisbatterij van 6 kWh, inclusief omvormer en installatie, kost volgens het kenniscentrum een paar duizend euro, en u verdient hem op dit moment hoogstwaarschijnlijk niet terug. Er is geen rijkssubsidie voor, en het kenniscentrum raadt een thuisbatterij op dit moment niet aan. Het kenniscentrum raadt aan eerst te kijken naar isolatie of een warmtepomp, en zonnestroom direct te gebruiken door bijvoorbeeld de wasmachine aan te zetten als de zon schijnt.
Of een batterij voor u uitkomt, hangt af van uw verbruik, uw contract en de prijs van de batterij.
Thuisbatterij of stekkerbatterij
Een vaste thuisbatterij laat u aansluiten door een installateur. Volgens het kenniscentrum sluiten vakmensen zo’n batterij volgens de NEN 1010-norm aan op een aparte groep in de meterkast.
Een stekkerbatterij steekt u zelf in het stopcontact. Het kenniscentrum wijst op mogelijk brandrisico: er kan dan van twee kanten stroom op één groep komen, waardoor de bedrading te heet kan worden. Meer daarover leest u in de gids Thuisbatterij kiezen.
Wie nog geen panelen heeft en klein wil beginnen, vindt balkonsets in de catalogus.
Zelf rekenen
Met de rekenhulp terugverdientijd vult u uw eigen stroomprijs en uw installatie in en ziet u na hoeveel jaar een set met of zonder batterij zich terugbetaalt. Houd daarbij rekening met het einde van salderen: na 2027 is zelf verbruikte stroom meer waard dan teruggeleverde stroom.
Veelgestelde vragen
Wanneer stopt de salderingsregeling?
De Rijksoverheid schrijft dat de salderingsregeling stopt vanaf 1 januari 2027. Tot en met 31 december 2026 kunt u teruggeleverde stroom nog wegstrepen tegen stroom die u van het net haalt.
Krijg ik na 2027 nog iets voor stroom die ik teruglever?
Ja. Volgens de Rijksoverheid krijgt u voor alle teruggeleverde stroom een vergoeding van uw energieleverancier. Tot 2030 moet die minstens 50% van het kale leveringstarief zijn.
Mag mijn leverancier kosten rekenen voor terugleveren?
Dat mag, maar volgens de Rijksoverheid alleen voor kosten die de leverancier zelf maakt om de teruggeleverde stroom te verwerken.
Verdien ik een thuisbatterij terug na het einde van salderen?
Kenniscentrum Duurzaam Leven schrijft dat u een thuisbatterij op dit moment hoogstwaarschijnlijk niet terugverdient met de besparing op uw stroomrekening. Met de rekenhulp ziet u wat uw eigen cijfers opleveren.
Rekenhulpen bij dit onderwerp
Bijbehorende categorieën
Bronnen
- Rijksoverheid: Salderingsregeling, geraadpleegd op 5 oktober 2026
- Kenniscentrum Duurzaam Leven (Milieu Centraal): Thuisbatterij, zonne-energie opslaan, geraadpleegd op 5 oktober 2026
- Eurostat nrg_pc_204: elektriciteitsprijzen voor huishoudens, geraadpleegd op 5 oktober 2026